In het Rijk van Nijmegen groeit een aanpak die meebeweegt met het dagelijks leven van mensen. In plaats van bewoners naar vaste locaties te trekken, worden activiteiten georganiseerd op plekken waar zij toch al komen en zich veilig voelen. Daardoor worden basisvaardigheden geen moeizaam of losstaand traject, maar een vanzelfsprekend onderdeel van het gewone leven.
Dat is belangrijk, want steeds meer zaken verlopen digitaal: contact met de overheid, zorg, bankieren, reizen, afspraken maken en het onderhouden van sociale contacten. Wie daarin niet mee kan, loopt sneller vast en verliest aan zelfstandigheid.
Door bewust aan te sluiten bij het dagelijkse ritme van bewoners en bij de vragen die daar ontstaan, blijkt deze aanpak niet alleen laagdrempelig, maar ook verbindend. Nieuwe groepen bewoners komen in beeld en doordat het aanbod samen met partners op vertrouwde plekken wordt georganiseerd, durven mensen sneller vragen te stellen en te oefenen.