De drie pijlers: een steeds meer samenhangend fundament
De regionale aanpak rust op drie pijlers, die onderling steeds sterker verbonden raken. De ambitie is dat deze pijlers niet alleen nu functioneren, maar ook geborgd worden in organisaties en netwerken. Zo zorgen we ervoor dat de aanpak blijft bestaan, ook na de subsidieperiode.
1. Ontwikkelpleinen en Oefenpleinen versterken en verbinden
Ontwikkelpleinen – in de regio vaak Oefenpleinen genoemd – zijn geen doel op zichzelf. Ze zijn plekken in de doorgaande leerlijn waar je als inwoner altijd terecht moet kunnen voor oefenen, ondersteuning, vragen en ontmoeting.
Ze vragen daarom om:
- Een lokale invulling, want elke gemeente en doelgroep is anders.
- Structurele programmering rond thema’s als gezondheid, opvoeding, digitale vaardigheden.
- Partners die aansluiten, zodat een warme doorverwijzing vanzelfsprekend is.
- Professionals die weten hoe ze moeten signaleren en verwijzen.
‘Een Oefenplein is niet iets wat je als bibliotheek alleen maakt. Het werkt alleen als partners er onderdeel van worden.’
2. Integrale aanpak: aanbod op álle vaardigheden
De regio kiest nadrukkelijk voor een integrale blik: niet taal, digitaal of rekenen los van elkaar, maar de vraag: Heeft iedereen voldoende basisvaardigheden om mee te doen?
Dat betekent:
- digitale vaardigheden (ook voor NT1’ers die wel kunnen lezen, maar digitaal vastlopen)
- burgerschap en het begrijpen van de digitale overheid
- ondersteuning bij lezen, schrijven en spreken.
Deze brede benadering vraagt om netwerkbouw, deskundigheidsbevordering in partnerschappen en een communicatie-aanpak die aansluit op wat inwoners écht nodig hebben.
3. Een doorgaande leerlijn van 0 tot 100
De regio Stedendriehoek zet stevig in op vindplaatsen:
- VVE-netwerken en peuteropvang
- basisscholen, met nadruk op NT1-ouders die je vooral dáár vindt
- wijkcentra, zorg- en welzijnsnetwerken
- professionals die signaleren, verwijzen en begeleiden.
‘Professionals zijn cruciale schakels. De doorgaande leerlijn werkt alleen als zij weten wat de bieb doet en andersom.’
De ambitie is helder: deze leerlijn moet structureel onderdeel worden van de samenwerking. Niet als project, maar als regionale werkwijze.